Even een vlekje wegwerken (mei 2010)

Even een vlekje wegwerken.

 

Er zat een vlekje op de deur of eigenlijk was het geen vlekje het was een bluts. De verf was door een of andere oorzaak op een minimale oppervlakte van nauwelijks 1 centimeter er vanaf. Het was een grijze deur en over dat grijs gesproken: de gehele ruimte had een gelijke kleurstelling, nuances waren nauwelijks aanwezig. Dat vlekje kon op een bepaald moment van vorm veranderen, de kleur trouwens ook en het volume van de vlek. Wat in eerste instantie dus een centimeter leek, groeide door twee keer knipperen met de ogen uit tot een oppervlakte in de grootte van de landkaart van Noorwegen. Ik bevond me in een isoleercel.

 

Die landkaart op zich kon weer uitgroeien tot een oppervlakte ter grootte van de gehele deur en vormde in mijn beleving een zeilschip dat met volle tuigage over zee voer. Ik was gefocust, je kunt beter stellen: ik staarde wezenloos voor mij uit en kon maar niet begrijpen waarom anderen niet waarnamen wat ik toch duidelijk zag. Het grijze, nietszeggende gebied pulseerde en vormde op zich weer een totaal contrast en grijs was en bleef zoals gezegd geen grijs.

 

Het kon zo maar gebeuren dat de gehele kamer de kleur aannam van een veld hyacinten volop in bloei met de daarbij behorende doordringende geur. Regenbogen kwamen in vele soorten en maten voor en een intens gevoel van blijdschap stroomde door mijn body als ik dat zag. Plots verscheen er een fel licht. De deur zwaaide open, mijn pupillen vernauwden zich en mijn neus nam de geur van bruin brood met pindakaas waar. Een voor mij totaal onbekende man zette een kartonnen bordje met daarop het voorgesneden brood neer. Bestek ontbrak geheel en hoewel ik niet had aangegeven dat ik slechts twee boterhammen wilde, bleek dat daarmee al rekening was gehouden.

 

Er was een bekertje water dat bitter smaakte en vermoedelijk medicijnen bevatte. De man observeerde mij bij het eten van het brood en nam toen ik klaar was het bordje en het kartonnen bekertje weer mee. Uitgeput van de inspanning keerde ik weer terug tot mijn vlekje. Wat eerst een vlekje geweest was, waren er nu 5 waar onderling bruggen tussen gebouwd waren en waarvan er geen enkele dezelfde vorm had. Uren sliep ik of was het een waak – droom toestand waarin ik mij bevond. Met de regelmaat van de klok gestoord door eten en drinken.

 

Plots was de kamer gevuld met mensen. Ik had ze niet zien binnenkomen of gehoord maar ze stonden allen zwijgzaam naar mij te kijken. Een dame met zwart haar nam het woord en vroeg mij hoe het nu met mij ging. Ik antwoordde dat ik behoefte had aan een bepaald soort medicatie (zyprexa) waarvan ik wist dat het mij zou helpen. Het feit dat ik tot een normale conversatie in staat was, resulteerde enige uren later tot een, gecontroleerde, douchebeurt. Ik knapte op en voordat er 24 uur verstreken waren, liep ik mijn eerste ‘rondje’ op de gang buiten de isoleercel.

 

Rolf Th.J. van der Geest (ervaringsdeskundige).

 

© Copyright Cliënten Belangen Blad mei 2010

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *